call Bel ons
Contact opnemen
Scroll
Digitaal weerbaar worden met de 5 basismaatregelen van het NCSC

Je kunt niet beschermen wat je niet kent

Hoe langer je organisatie bestaat, hoe meer digitale middelen erbij komen. Een extra laptop, een nieuwe cloudapplicatie, een account voor een leverancier of software die iemand zelf heeft gekozen omdat het handig was. Dat gaat vaak stap voor stap. Voor je het weet, is het overzicht niet meer compleet.

Dat is geen administratief detail. Als je niet weet welke apparaten, applicaties, accounts en gegevens je gebruikt, kun je ook niet goed bepalen wat je moet beschermen. Digitale veiligheid begint daarom niet met een ingewikkelde beveiligingstool, maar met een helder en actueel overzicht.

Welk NCSC-basisprincipe staat centraal?

In deze blog staat het NCSC-basisprincipe Breng je risico’s in kaart centraal. Het NCSC adviseert organisaties eerst vast te stellen welke belangen beschermd moeten worden. Denk aan informatie, systemen en processen die belangrijk zijn om te kunnen blijven werken. Deze belangrijke onderdelen worden ook wel de kroonjuwelen van je organisatie genoemd.

Om die risico’s te begrijpen, moet je weten wat je gebruikt en waar je afhankelijk van bent. Breng daarom in ieder geval het volgende in kaart:

  • laptops, desktops, telefoons, servers en netwerkapparatuur;
  • software, websites en clouddiensten;
  • gebruikersaccounts en beheerdersaccounts;
  • belangrijke gegevens en bedrijfsprocessen;
  • leveranciers die toegang hebben of van wie je dienstverlening afhankelijk is;
  • wie binnen of buiten je organisatie verantwoordelijk is voor beheer en controle.

Je hoeft dit niet direct tot in technisch detail uit te werken. Begin met een bruikbaar overzicht waarmee je kunt bepalen wat belangrijk is, welke afhankelijkheden je hebt en waar mogelijke blinde vlekken zitten.

Wat zegt de RKIDV hierover?

De Risicoklassenindeling Digitale Veiligheid, kortweg RKIDV, helpt MKB-organisaties om digitale risico’s op een praktische manier te beoordelen. Aan de hand van 9 vragen wordt een organisatie ingedeeld in risicoklasse 1 tot en met 4. Bij iedere klasse horen maatregelen die passen bij het risicoprofiel.

De vragen en maatregelen helpen je onder meer na te denken over gegevens, toegang, mogelijke uitval, afhankelijkheden en maatregelen die al zijn genomen. Daarvoor heb je eerst inzicht nodig in je digitale omgeving. Een onvolledige inventarisatie kan immers leiden tot een onvolledige risico-inschatting.

De RKIDV is een hulpmiddel om passende maatregelen te kiezen. Het is geen garantie dat je organisatie volledig veilig is en ook geen eenmalige checklist. De waarde zit juist in het periodiek beoordelen en verbeteren.

Waarom is dit belangrijk voor het MKB?

Veel MKB-organisaties bouwen hun digitale omgeving geleidelijk op. Een applicatie wordt aangeschaft voor één afdeling, een medewerker gebruikt tijdelijk een online tool of een leverancier krijgt toegang voor onderhoud. Dat is begrijpelijk, maar het vergroot wel de kans op vergeten accounts, onbekende apparaten, oude software en schaduw-IT.

Daardoor kunnen eenvoudige vragen lastig te beantwoorden zijn:

  • Welke systemen hebben we iedere werkdag nodig?
  • Welke gegevens mogen we niet verliezen?
  • Wie kan bij gevoelige informatie?
  • Welke leverancier is noodzakelijk om door te kunnen werken?
  • Wie merkt het als een account, apparaat of applicatie niet meer wordt gebruikt?

Zonder die antwoorden is het moeilijk om prioriteiten te stellen. Met een goed overzicht kun je gerichter bepalen waar extra beveiliging, een back-up, een update, betere toegangsrechten of duidelijke afspraken nodig zijn.

Wat kun je praktisch doen?

1. Maak een apparatenoverzicht

Noteer welke laptops, computers, telefoons, tablets, servers en netwerkapparaten in gebruik zijn. Leg minimaal vast wie het apparaat gebruikt, welk type het is, welk besturingssysteem erop draait en wie verantwoordelijk is voor het beheer.

2. Breng software en clouddiensten in kaart

Kijk verder dan de software die op een computer is geïnstalleerd. Neem ook Microsoft 365, boekhoudsoftware, CRM, planningstools, online opslag, websites en andere internetdiensten mee. Vraag medewerkers welke tools zij voor hun dagelijkse werk gebruiken. Zo maak je ook schaduw-IT zichtbaar.

3. Bepaal wat bedrijfskritisch is

Niet alles is even belangrijk. Bepaal welke gegevens, systemen en processen noodzakelijk zijn om klanten te helpen, te produceren, te plannen, te factureren of medewerkers te ondersteunen. Zo weet je waar uitval of gegevensverlies de meeste gevolgen heeft.

4. Breng accounts en verantwoordelijkheden in beeld

Noteer wie toegang heeft tot welke belangrijke diensten en wie beheerdersrechten heeft. Leg ook vast wie accounts aanmaakt, wijzigt en verwijdert. Dat voorkomt dat rechten blijven bestaan zonder dat iemand zich verantwoordelijk voelt.

5. Leg leveranciers en afhankelijkheden vast

Noteer welke leveranciers je nodig hebt voor je belangrijkste processen. Denk aan je ICT-partner, softwareleveranciers, hostingpartijen en partijen met toegang op afstand. Leg vast welke dienst zij leveren, welke toegang zij hebben en wie binnen je organisatie contactpersoon is.

Waar gaat het vaak mis?

Een inventarisatie hoeft niet ingewikkeld te zijn, maar er zijn een paar veelvoorkomende valkuilen:

  • Het overzicht wordt één keer gemaakt. Na verloop van tijd klopt het niet meer.
  • Alleen apparaten worden geregistreerd. Cloudapplicaties, accounts, data en leveranciers blijven buiten beeld.
  • Er is geen eigenaar. Niemand is verantwoordelijk voor het bijwerken en controleren.
  • Wijzigingen worden niet verwerkt. Nieuwe medewerkers, software en leveranciers ontbreken, terwijl oude toegang blijft bestaan.
  • Leveranciersafhankelijkheden worden vergeten. Daardoor is niet duidelijk wat uitval van een externe dienst betekent.
  • Het overzicht wordt niet gebruikt. Een lijst heeft pas waarde als je ermee bepaalt welke maatregelen prioriteit krijgen.

Hoe maak je hier een vast ritme van?

Een inventarisatie is alleen waardevol als je hem actueel houdt. Het NCSC adviseert om de inventarisatie minstens elke 6 maanden te actualiseren en dit controlemoment in de agenda te zetten.

Werk het overzicht ook bij zodra er iets verandert, bijvoorbeeld bij:

  • in-, door- en uitdiensttreding van medewerkers;
  • de aanschaf of beëindiging van software en clouddiensten;
  • vervanging van laptops, servers of netwerkapparatuur;
  • een nieuwe leverancier of wijziging in externe toegang;
  • een belangrijke proceswijziging;
  • een verhuizing, fusie of overname.

Gebruik bij de halfjaarlijkse controle steeds dezelfde zes vragen:

  1. Welke apparaten, software en clouddiensten zijn erbij gekomen of verdwenen?
  2. Welke accounts en beheerdersrechten zijn gewijzigd?
  3. Welke gegevens en processen zijn nu het belangrijkst?
  4. Van welke leveranciers zijn we afhankelijk?
  5. Wie is verantwoordelijk voor beheer en opvolging?
  6. Welke gevonden risico’s krijgen als eerste aandacht?

Zo wordt inventariseren geen los project, maar een vast onderdeel van je ICT-beheer.

We helpen je graag!

Hoe kan Bruinsma helpen?

Bruinsma kan je helpen om je digitale omgeving overzichtelijk te maken en prioriteiten te bepalen. Denk aan apparaten, Microsoft 365, accounts, software, back-ups en leveranciersafhankelijkheden. Vervolgens kun je gericht bepalen welke verbeteringen logisch en haalbaar zijn voor jouw organisatie.

Niet als een eenmalige checklist, maar als onderdeel van een vast ICT-ritme waarin je regelmatig controleert, bijwerkt en verbetert.

Hoe kan Bruinsma mij helpen met het invullen van deze basisprincipes?

De 5 basismaatregelen van het NCSC zijn een goed vertrekpunt, maar in de praktijk zit de uitdaging vaak niet in het begrijpen van de maatregelen. De uitdaging zit vooral in het structureel organiseren ervan.

Daarom werkt Bruinsma met Ritme in ICT.

Met Ritme in ICT helpen we je om digitale veiligheid niet als een eenmalig project te behandelen, maar als een vast onderdeel van je bedrijfsvoering. We kijken samen naar je huidige situatie, bepalen waar de belangrijkste risico’s zitten en vertalen de basisprincipes naar concrete acties die passen bij jouw organisatie.

Dat betekent bijvoorbeeld dat we helpen met:

  • inzicht krijgen in apparaten, software, accounts en belangrijke data;
  • veilige instellingen binnen Microsoft 365, apparaten en cloudomgevingen;
  • update- en patchprocessen beter organiseren;
  • toegangsbeheer, MFA en rechtenstructuren verbeteren;
  • back-ups en herstelbaarheid beoordelen;
  • afspraken maken over beheer, controle en opvolging;
  • periodiek controleren of de basis nog steeds op orde is.

Het doel is niet om één keer een checklist af te vinken. Het doel is om een vast ritme te creëren waarin digitale veiligheid regelmatig terugkomt. Zo houd je grip, voorkom je dat maatregelen versloffen en werk je stap voor stap aan een digitaal weerbare organisatie.

Wil je weten waar jouw organisatie nu staat en welke stappen logisch zijn? Dan denken we graag met je mee.

Veelgestelde vragen

Moet een digitale inventarisatie ingewikkeld zijn?

Nee. Begin met een eenvoudig en bruikbaar overzicht van apparaten, software, clouddiensten, accounts, belangrijke gegevens en leveranciers. Breid het later uit als meer detail nodig is.

Hoe vaak moet ik de inventarisatie bijwerken?

Het NCSC adviseert om de inventarisatie minstens elke 6 maanden te actualiseren. Werk haar daarnaast bij zodra er belangrijke wijzigingen zijn, zoals nieuwe medewerkers, software, apparaten of leveranciers.

Wat is de RKIDV?

De Risicoklassenindeling Digitale Veiligheid is een risicoclassificatiemodel voor het MKB. Aan de hand van 9 vragen wordt een organisatie ingedeeld in risicoklasse 1 tot en met 4, met maatregelen die passen bij het risicoprofiel.

Moet ik meteen alle gevonden risico’s oplossen?

Nee. Gebruik het overzicht om prioriteiten te bepalen. Begin bij gegevens, systemen en processen waarvan uitval, verlies of misbruik de grootste gevolgen heeft. Plan daarna de overige verbeteringen in een haalbaar ritme.

Hoe krijg ik meer informatie over dit onderwerp?

Wil je meer weten over dit onderwerp of bespreken wat dit betekent voor jouw organisatie? Mail ons op info@bruinsmakantoor.nl of bel 0523-272121.